Afzien in de hoogte en as-zien in heilige laagtes

20 juli 2013, Varanasi. Na 3000m vrije val (in de stalen vogel :o)), met weer 20 graden erbij en vergezeld van onophoudelijke concerto's van belgerinkel en claxons, werd de machtige Himalaya op 24uur tijd weer ingeruild voor het 'echte' India. Vaarwel stilte :o) Alhoewel ik niet mag klagen op het balkonnetje van mijn guesthouse in de 'gated community': het getoeter is slechts verfijnde achtergrondmuziek geworden :o) Ik mag weer baden in het zweet en kom net terug van mijn eerste verkenningstochtje in deze heilige stad. De tientallen 'ghats' die uitmonden in de Ganges hebben elk hun eigen betekenis en zijn omringd door een wirwar van straatjes waar je zo verloren in loopt. Zowel baden als sterven in de Ganges zijn een zegen voor je ziel en voor ik het wist, stond ik in een van de twee 'burning ghats' te kijken naar mijn eerste lijkenverbranding. Zo'n 60 tot 70 lichamen worden hier dagelijks gecremeerd. Tientallen mannen liepen af en aan met grote houtblokken om de vuren brandende te houden. De rook kroop in mijn haren en mijn kleren, en toch overviel me een vredig gevoel. Het was de natuurlijke cirkel van leven en dood. Tot stof en as zullen wij wederkeren...

Twee weken daarvoor was er een heel ander gegeven dat stof deed opwaaien. Bodhgaya, de stad waar de Boeddha verlicht werd, werd getroffen door een bomaanslag. Gelukkig vielen er geen doden, maar het feit bevestigde de spanningen tussen moslims en boeddhisten die eerder al hoog opliepen in Myanmar (Birma), en uit solidariteit en respect voor de gewonde slachtoffers, sloot de stad Leh van het ene op het andere moment voor 2 dagen al haar deuren. Geen winkel, restaurant of internetcafe was er in de verste verte te bespeuren. Enkel een paar guesthouses maakten stiekem nog een snelle hap klaar voor de hongerige toerist. Het was een heel vreemd gevoel. Het deed me denken aan oorlogstijden, voor zover ik me daar iets van kan voorstellen, en de sfeer in de verlaten straten was mysterieus en grimmig tegelijkertijd. De eerste dag ontsnapte ik er nog gedeeltelijk aan, toen een vriend van Rahul me rondreed naar verschillende van de prachtige Tibetaanse kloosters. Uit rotsen gehouwd en op bergen gebouwd, zijn ze stuk voor stuk een streling voor het oog in de ganse Ladakh-vallei. Ik kon er maar niet genoeg van krijgen... Op dag 2 beklom ik samen met een Nieuw-Zeelander het oude paleis van Leh, dat net boven de stad ligt, en keken we toe hoe een lange stoet van mini-mensjes zich door de hoofdstraat bewoog, biddend en huilend, maar samen sterk en verbonden. En plots, om 17u, werden de poorten weer geopend en de sleutels weer in het sleutelgat gestoken. Iedereen bestormde de supermarkt en de enkele werkende computers. De stilte was voorbij...

Maar niet voor lang. Na nog een extra dagje genot van al die herrezen faciliteiten, vertrokken Rahul en ik voor 7 dagen op trektocht, dwars door de beroemde Markha Valley. Gezien het overaanbod aan reisbureautjes in Leh was het niet gelukt om nog extra stapgenoten te vinden, maar onderweg werd al gauw duidelijk dat er aan gezelschap geen gebrek zou zijn :o) We sliepen telkens in homestays, en toen Rahul een bevriende gids tegenkwam, liep ik vanaf die dag samen met een Franse Canadees en een Laotiaanse Parisien. En die steun kon ik goed gebruiken, want een makkie was het niet. Op dag 2 begaven de zolen van mijn (veel te lang in de kast gelegen) bergschoenen het en verging ik 's avonds van de kniepijn na de afdaling van de eerste 5000m-pas op mijn sandalen. Het was letterlijk stoppen of doorgaan. Maar ik hou wel van Ramses Shaffy :o) Dus de volgende dag dook ik in de schoenen van de andere gids, wikkelde ik mijn knieen in, spoot massa's ontstekingsspray en eigende ik mezelf een goeie wandelstok toe. Het leven zoals het is...bijna 30 :o)

Maar mijn lichaam was me dankbaar, en nu kon ik ook pas echt van de omgeving genieten. En die was in 1 woord: magnifiek. Het was alsof elke dag een nieuwe wereld was. Het ene moment liepen we door grote canyons en staken we op onze blote voeten de rivieren over, en het andere moment stonden we plots tussen de gele en paarse bloemenvelden met besneeuwde bergtoppen op de achtergrond, alsof het klein Zwitserland was. Maar de honderden kleine stupa's, kleurrijke gebedsvlaggetjes, balkende ezels en mekkerende berggeiten bleven de vertrouwde constante op de trip :o) Het is moeilijk te omschrijven wat zo'n trekking met je doet. Misschien is het het intense ritme, de uitputting van je lichaam of de kracht van de natuur, ik weet het niet, maar ik kreeg dikwijls de tranen in de ogen van intensiteit (naast de gebruikelijke over-enthousiaste kreten bij het zien van Tibetaanse bergmarmotjes :o)). Het is alsof de fliters die in het gewone leven tussen jou en de wereld zitten, weggenomen worden, en er alleen maar puurheid overblijft. En dat is inclusief de primitieve hygiene :o) Maar ik had het nachtelijk tanden poetsen onder de blote sterrenhemel en de kleer- en haarwasbeurten in het ijskoude water van de rivier voor geen geld van de wereld willen missen... Een mens heeft niet veel nodig om gelukkig te zijn, nietwaar :o)

De laatste dag was de kers op de taart: een bergpas trotseren van 5200m. En na een slapeloze nacht in een veel te koude tent op 4400m, was de jeugdige fitheid ver te zoeken :o) Maar stapvoets ging ook, en het gevoel op de top overheerst bij welke versnelling dan ook: fier, moe en voldaan, gecombineerd met een tikkeltje absurditeit omdat je dit jezelf aandoet :o) Maar het dak van de wereld is te mooi om er niet op gestaan te hebben. Dus dankjewel 'Juleh' Ladakh... De laatste dagen in Leh waren er des te meer van dubbel en dik genieten, met quality times, afscheidsmomenten en nieuwe ontmoetingen. En plots, op een uur tijd stonden mijn stijve beentjes weer in Delhi. Pijn? Uitzweten is de boodschap :o) Varanasi is nu mijn poort naar het oosten, langs waar ik met de trein via Bodhgaya (ondertussen weer veilig :o)) naar Kolkatta (Calcutta) zal reizen, met telkens een paar dagen tussenstop. En op het einde van de maand maak ik een duik in zuidelijke richting, waar de mensen van BIVRO, een Belgische NGO, me zullen opwachten voor een 10-daags terreinbezoek, verspreid over 2 landelijke provincies. In afwachting daarvan zal ik onze nationale feestdag vieren met een goeie chai en zicht op de Ganges, waar voorbije levens immer verstrooid worden en nieuwe zielen geboren. Zo ook onze volgende koning. Als de rook om je hoofd is verdwenen...

xxx

  //

Laatste foto's

Reacties 2

Chris 21-07-2013 13:46

Eve,
wat een schitterende ervaring!! geniet van de laatste maanden! ik geniet van je "schrijfsels"

Nonkel Bruno 21-07-2013 14:56

Eve, terwijl hier de nieuwe koning zijn eed aflegt, maak jij zeer bijzondere wereld mee. Ik ben nieuwsgierig wat BIVRO je zal brengen.

Reageren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd

Blijf op hoogte!

Wil je op de hoogte blijven van de belevenissen? Meld je aan voor de mailinglist

Eerdere reisverhalen

Reis blog, ook wel reis webblog genoemd, wordt mogelijk gemaakt door Around the Globe. "Ontmoetingsplek voor en door reizigers". Lees onze Disclaimer